“Focaccia, hiel hiiiieeeel lekker”

Ik bestel een cappuccino bij Bocconi, ons favoriete eetplekje in Leiden. En een glas water voor meneer. Binnen no time wijst hij naar de cantuccino die op mijn schoteltje ligt. Natuurlijk mag hij die. En gezegend ben ik, dat ik spontaan ook een hap aangeboden krijg.
Het koekje is op. “Nog één eten?” Hij kijkt me vragend en hoopvol aan en is al bijna op weg naar het barretje. “We hadden er maar eentje liefje”, concludeer ik, “maar gelukkig is de focaccia inmiddels uit de oven.” Focaccia? Hij draait zich accuut om en kijkt de keuken in. De Italiaanse man in de keuken ziet de eetlust in T.  zijn ogen en zegt “we’ll have to wait for a couple of minutes, the bread is still quite hot.” Hierna volgt een minuutlange monoloog van mijn peuter, die in het kleine eettentje echt niemand zal kunnen ontgaan. We zijn de enige klanten, dus ik doe geen poging het niveau omlaag te krijgen.

“Focaccia!”
“Focaccia, hiel lekker”
“Focaccia, hiel hiiiiiieeel lekker.”
“Focaccia klaar?”
“Mama, focaccia klaahaar?”
“hmmmmmmm, focaccia”
“Focaccia hiiiiiiiiiiel lekker!”

Op een gegeven moment houdt hij het niet meer en gaat naast de glazen vitrine met kazen de keuken in staan kijken. De Italiaanse man snijdt maar snel de focaccia aan en geeft het houten bordje met stukken brood aan mijn peuter mee. Ik hoef niks te doen, enkel te genieten.

(geen Bocconi in de buurt met kamut-focaccia, maak het dan maar zelf)

Laat een reactie achter

Het emailadres wordt niet zichtbaar op de site. Verplichte velden *

*

Scroll naar boven